Een verkennend bodemonderzoek is een onderzoek naar de milieukundige gesteldheid van de bodem. Het doel en de aard kan sterk variëren door verschillende situaties. Aanleidingen kunnen zijn: een aanvraag van een omgevingsvergunning (bouwvergunning). Aanleg en onderhoud aan kabels- en leidingen. Het vermoeden van een bodemverontreiniging door aanwezigheid van een ondergrondse brandstoftank, autogarage, stortplaats, tankstation (chemische) wasserij. Maar ook voor de aankoop of taxatie van een perceel kan een bodemonderzoek gewenst zijn. 

Bij het vooronderzoek wordt vastgesteld of er gegevens over de locatie bekend zijn waaruit blijkt dat de bodem verontreinigd kan zijn. Dit resulteert in een verdachte of onverdachte locatie. Naar aanleiding daarvan wordt een boorplan opgesteld.

Tijdens het veldonderzoek worden boringen verricht om grondmonsters te nemen en eventuele peilbuizen geplaatst om grondwater te bemonsteren. Hiervoor hebben wij gecertificeerde veldwerkers in dienst en werken nauw samen met het zusterbedrijf Ground Research.
Minimaal een week na het plaatsen van de peilbuis worden de grondwatermonsters genomen.  
De grond- en grondwatermonsters worden door een extern laboratorium geanalyseerd en naar de projectleider verzonden.  

De milieukundig adviseur verwerkt in interpreteert de resultaten en maakt hiervan een (brief)rapport. De doorlooptijd van het gehele onderzoek is maximaal drie weken na monstername van de grond. De monstername van de grond kan veelal binnen 1 week na opdracht worden ingepland.  

U hoort snel van ons!

Partijkeuringen

Ter bescherming van het milieu mag bij een project niet zomaar vrijkomende grond worden ontgraven of elders hergebruikt. In veel gevallen is een partijkeuring AP-04 nodig. Dit wordt uitgevoerd conform het Besluit bodemkwaliteit (het vroegere Bouwstoffenbesluit). Hier wordt onderzocht wat de milieu hygiënische kwaliteit is en welke toepassingsmogelijkheden er zijn. Dit geldt zowel voor een partij grond die in een depot ligt als voor een partij grond die vrijkomt bij werkzaamheden. De keuring heeft betrekking op de gehele partij grond die men wil hergebruiken.

Een partijkeuring begint met een historisch vooronderzoek. Er wordt bepaald in hoeverre de grond verdacht is. Een partijkeuring is een ander onderzoek dan een (verkennend) bodemonderzoek. Veelal is het niet mogelijk om op basis van een bodemonderzoek grond elders toe te passen. Het verkennend bodemonderzoek wordt gebruikt om partijen van dezelfde grondsoort (zand, klei, en/of veen) en kwaliteit in te delen in homogene partijen.  
Hierna wordt het aantal te onderzoeken partijen bepaald. Eén enkele partij mag niet groter zijn dan 10.000 m3, maar ook niet bestaan uit verschillende grondsoorten of kwaliteiten.

Nu is het tijd om de partij daadwerkelijk in het veld te keuren. Per partij moeten er 100 grepen genomen worden uit een halve meter. Als er een meter afgegraven gaat worden moeten we dus per partij 50 gaten boren van 2 keer een halve meter. Hiervan worden terplekke 2 mengmonsters samengesteld. Beide monsters moeten worden geanalyseerd en met elkaar worden vergeleken. Het is een behoorlijk intensief onderzoek. 
De monsters worden in emmers verpakt en gekoeld naar een extern laboratorium verstuurd. Het laboratorium verricht de analyses en verstuurt deze vervolgens naar de projectleider. 

De resultaten van de partijkeuring worden in een briefrapport beschreven. De doorlooptijd van het gehele onderzoek is maximaal twee weken na monstername. De monstername kan veelal binnen 1 week na opdracht worden ingepland.

U hoort snel van ons!

Milieukundige begeleiding

Tijdens grondverzet in sterk verontreinigde grond moet milieukundige begeleiding plaatsvinden. De milieukundig begeleider houdt toezicht op de werkzaamheden, geeft ontgravingsgrenzen aan en neemt indien noodzakelijk controlemonsters.  
Voor de milieukundige begeleiding van bodemsaneringen hebben wij eigen  milieukundige begeleiders in dienst. Zij zijn BRL 6001 gecertificeerd en ervaren in het houden van milieukundig toezicht bij bodemsaneringswerken. Vanuit het kantoor krijgen zij van onze adviseurs ondersteuning bij de voorbereiding en uitvoering. Daardoor kunnen wij van A tot Z uw gehele bodemsaneringsproject begeleiden. Van het opstellen van saneringsplannen en/of BUS meldingen tot uitvoering en afronding van het project leveren wij complete ontzorging.

U hoort snel van ons!

Waterbodemonderzoek

Ook voor de waterbodem is er wel eens milieukundig onderzoek nodig. Aanleidingen hiervoor kunnen zijn: baggerwerkzaamheden, het dempen van watergangen of het vervangen van beschoeiing of kademuren. 
Het waterbodemonderzoek bestaat uit verschillende stappen die uiteindelijk resulteren in een onderzoeksrapport.

Hier wordt eerst onderzocht of er gegevens over de onderzoek locatie bekend zijn waaruit blijkt dat de waterbodem verontreinigd kan zijn. Het type waterbodem, lijnvormig of vijver, is van belang voor de onderzoeksopzet. Verder zijn er nog aparte onderzoeksstrategieën voor jachthavens, zandwinning, kribvakken of stranden.  Naar aanleiding daarvan wordt een boorplan opgesteld.

Dit onderzoek vindt plaats in de bodem onder water. Als het mogelijk is doen we dit vanaf de walkant, eventueel met een waad pak. Voor breder water maken we gebruik van onze boot. Eerst wordt de waterdiepte en de slibdiepte bepaald. Dan wordt met een zuigerstang het slib en de ondergrond bemonsterd. 
De waterbodemmonsters worden door een extern laboratorium geanalyseerd en naar de projectleider verzonden.

De resultaten van het bodemonderzoek worden in een (brief)rapport beschreven. De doorlooptijd van het gehele onderzoek is maximaal twee weken na monstername van de grond. De monstername van de grond kan veelal binnen 1 week na opdracht worden ingepland.

U hoort snel van ons!

Asfaltonderzoek

Voor de afvoer van asfalt is de CROW publicatie 210, richtlijn omgaan met vrijkomend asfalt, van kracht. Deze richtlijn regelt de voorwaarden voor het afvoeren en/of hergebruiken van asfalt dat vrijkomt bij bijvoorbeeld freeswerkzaamheden.
Voorafgaand aan freeswerkzaamheden is het verplicht om het asfalt te onderzoeken op PAK (Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen). In de volksmond wordt dit teer genoemd. Asfalt wat teer bevat is schadelijk en komt vooral vrij bij het frezen en bewerken van ‘teerhoudend asfalt’. Dit is met name aangelegd voor 1995. 
Hoe wordt asfaltonderzoek uitgevoerd? 

De te verwijderen asfaltlaag wordt visueel beoordeeld. Reparatievakken en/of opstelplaatsen voor bijvoorbeeld bussen moeten apart worden onderzocht. Vervolgens wordt per 500 m2 te verwijderen asfalt een boring geplaatst. Veelal wordt de onderliggende wegfundering ook bemonsterd en geanalyseerd om te bepalen of het materiaal kan worden hergebruikt. De boorkernen worden in het laboratorium beschreven en ingespoten met een PAK-marker. Als er veel PAK in het asfalt aanwezig is zal de PAK-marker oplichten. Als dat het geval is kan worden aangenomen dat er meer dan 250 mg/kg ds PAK aanwezig is. De hergebruikswaarde voor PAK in asfalt is 75 mg/kg. 

Als de PAK-marker niet oplicht is er minder dan 250 mg/kg aan PAK in het asfalt aanwezig. Er zal aanvullend onderzoek moeten worden verricht (DLC, HPLC of GC-MS) om vast te stellen of het PAK gehalte inderdaad onder de 75 mg/kg ligt.

U hoort snel van ons!

Asbestonderzoek

 

Asbestonderzoek 

Asbest is in het verleden in allerlei producten toegepast. Sinds 1 juli 1993 is het verboden om asbest of producten die asbestvezels bevatten te verhandelen, toe te passen of te verwerken. Indien op een locatie puin wordt aangetroffen is de locatie asbestverdacht. 

Voorafgaand aan de sloop van gebouwen is een asbestinventarisatie noodzakelijk. Tijdens deze inventarisatie wordt een te slopen gebouw geïnspecteerd door een deskundige. Alle locaties waar asbest is toegepast worden in kaart gebracht zodat de sloper deze, op een veilige manier kan verwijderen en deze gestort kunnen worden.

Een asbestonderzoek start met een vooronderzoek. Tijdens het vooronderzoek wordt vastgesteld of de locatie asbestverdacht is.  

Als de locatie als asbestverdacht wordt aangemerkt is een onderzoek conform de NEN 5707 noodzakelijk. Eerst wordt een maaiveldinspectie uitgevoerd, vervolgens worden inspectiegaten van 30 x 30 cm gegraven tot een diepte van 50 cm. Alle grond uit een inspectiegat wordt gezeefd, beoordeeld en in monsteremmers gedaan. Vervolgens wordt in het laboratorium met behulp van microscopen beoordeeld hoeveel asbest in de grond aanwezig is.

Als het gehalte aan asbest hoger is dan 100 mg/kg (gewogen gemiddelde), dan is de grond verontreinigd met asbest. Ligt het asbestgehalte onder de 100 mg/kg is de grond niet met asbest verontreinigd.   

U hoort snel van ons!

Quickscans

Voorafgaand aan het werken in de bodem is het van belang dat aandacht wordt besteed aan de veiligheids- en gezondheidsaspecten van deze werkzaamheden. Met name bij werkzaamheden aan kabel- en leidingen is het noodzakelijk om vooraf informatie met betrekking tot aanwezige bodemverontreinigingen in kaart te (laten) brengen. Een werkgever is immers verplicht om zijn of haar werknemers te beschermen.

Een quickscan wordt uitgevoerd volgens de CROW400 (‘werken in en met verontreinigde bodem’). Tijdens een quick scan worden de volgende bronnen geraadpleegd:

Bodemkwaliteitskaart en Nota bodembeheer van het gebied;

Digitaal beschikbare gegevens met betrekking tot bodemverontreiniging;

Inventariseren van eventuele puntbronnen;

Inventariseren van voorgaand en huidig gebruik van de locatie.        

U hoort snel van ons!

Overig

Flora en fauna.

Archeologisch.

U hoort snel van ons!